De thuisblijvers
  Chico (17-5-5) 
Wat een boef, deugniet! Een wel heel levendig katje dat veel moest leren. Hij was in staat muizen te vangen, ze levend mee in huis te nemen en ze daar los te laten. Dan hebben we het nog niet over de vele levende kikkers en vogeltjes die hij naar binnen bracht. De kikkers kwamen er altijd goed van af maar de jonge vogeltjes lieten meestal een klein bloedbad in de kamer achter (gelukkig hebben we tegels en geen vloerbedekking). Vreemde katten uit de tuin jagen, heeft hij nog steeds niet helemaal onder de knie. Hij is een tijd in opleiding geweest bij zijn vriend Pats en keek goed wat die allemaal deed. Eerder rende hij hard weg als het te spannend werd, maar op een gegeven moment ging hij af en toe zelf achter een vreemde kat aan en had Pats het nakijken.
Chico hield heel erg van onze tv; zowel van er voor en op liggen als er naar kijken. Zijn favoriete programma was Springwatch van de BBC, vooral als er vogeltjes in beeld kwamen. Tot zijn grote teleurstelling kochten we een flatscreen en sindsdien richtte hij zijn aandacht op de stereo. Vanaf dat plekje kon hij, al duttend, de kamer ook goed in de gaten houden. Hij vindt het, ook al is hij met de jaren wat rustiger geworden, af en toe nog heel leuk om achter balletjes aan te hollen. Haagse hopjes vindt hij trouwens ook prima speelgoed! Als wij op het punt staan op reis te gaan, heeft hij dat altijd snel door. Hij vindt het niet leuk maar komt altijd wel even helpen met het inpakken van de koffers.
Al heel lang had Chico een bultje aan de bovenkant van zijn linkervoorpoot en op een gegeven moment werd dat groter. Toch maar even laten checken; het is verwijderd en bleek gelukkig niet kwaardaardig. Chico heeft wel een hele tijd met een grote kale plek rondgelopen. Inmiddels is de stereo geen slaapplaats meer; die begaf het en we hebben een nieuwe gekocht. Tja, tegenwoordig zijn die apparaten een stuk kleiner. Hij heeft nog wel een paar pogingen gedaan om op de tv te liggen. Dan stond de tv aan als we thuiskwamen. Gelukkig heeft hij die pogingen gestaakt.


Pats (7-5-97, 27-9-16) 
Onze liever-lui-dan-moe-je-weet-wel-rode-theemuts-kater schrikt al zijn hele leven echt overal van. Als de deurbel gaat zit hij in no time op zolder, aan het alarm van de eerste maandag van de maand zal hij nooit wennen, de stofzuiger is een grote vijand en zo af en toe schrikt hij van zijn eigen staart. Jaren zag vrijwel niemand hem . . . hij bleef uit de buurt als er bezoek was en men moest ons op ons woord (of d.m.v. een foto) geloven dat we een rooie kater hebben. Maar de katten uit de buurt kenden hem al die jaren wel; als je als kat een bepaalde grens in onze tuin overschrijdt (en Pats is wakker) dan ben je het haasje!!!
Wij als huisgenoten kennen hem natuurlijk goed. Het is een die-hard zonaanbidder, schootzitter en aandachtvrager. En wat was hij verdrietig toen zijn goede vriend Poekie overleed. Ontroostbaar en zwaar beledigd dat we zo'n jong mormel (Chico) in huis haalden. Maar na een paar maanden pruilen, sloot hij toch vriendschap met het jonge katje en zo af en toe liet hij hem zien hoe je vreemde katten dient te benaderen en lagen ze gebroederlijk tegen elkaar aan te slapen. Overigens is hij sinds de komst van zijn nieuwe vriend zeer verbaal aanwezig; hij steekt soms hele verhalen af … helaas (of gelukkig) kunnen we hem nog steeds niet verstaan.
Op oudere leeftijd was Pats een magere kater. Nog steeds fel op vreemde katten maar minder angstig voor allerlei andere zaken. Op een bepaald moment vonden we hem toch wel erg hyper en luidruchtig. Tijdens het jaarlijkse onderzoek constateerde de dierenarts dat Pats sterk was afgevallen en een snelle hartslag had. Uit bloedonderzoek bleek dat hij een overactieve schildklier had. Gelukkig was dat te verhelpen met 2 pillethes per dag. Die ginegen er wel in met een lekker stukje vlees! Pats werd een stuk rustiger maar af en toe nog erg luidruchtig, ook 's nachts. Dat veroorzaakte soms wel wat slaapgebrek bij ons maar Pats had totaal last geen slaapgebrek; hij sliep vrijwel de hele dag. Als hij zijn slaapplek verliet zag je heel goed dat het een oude kat was ... hij was dan stram en moest even opwarmen. Hij kreeg steeds meer moeite met lopen en toen hij op een bepaald moment bloed in zijn ogen had, besloten we dat het mooi was geweest na meer dan een jaar dokteren.

Poekie (15-5-93, † aug. 2005)
Een mooie, lieve, zwarte kater was hij, onze Poek. Hij beschikte de eerste 5 jaar van zijn leven niet over een tuin en moest dus op een andere manier aan de nodige beweging komen … hij kon in de huiskamer onvermoeibaar achter balletjes aan rennen. Ook met kerstballen wist hij wel raad en hij kon de kerstboom moeiteloos een paar keer om zijn as laten draaien (hij bleef nog al eens in de snoeren van de kerstverlichting hangen).
Met muizen vangen had hij, in tegenstelling tot Pats en Chico, geen enkele moeite; als we er niet snel bij waren, waren ze hap-slik-weg. Helaas bleef dat niet beperkt tot muizen maar wist hij ook enkele hamsterjongen ongezien uit hun kooi te vangen en te verorberen. Zelfs koolmezen op het balkon waren niet veilig. Hij leerde Sjaakie, een klein zwart katertje dat een paar weken bij ons logeerde, door het kattenluik te gaan. Voor Pats, die na 4 jaar zijn intrede deed, was hij een echte broer. Toen we een tuin kregen ging Poekie al snel op ontdekkingstocht en ging er een wereld voor hem open; Pats bleef rustig in de tuin afwachten. Toen Poekie net 12 jaar oud was, kreeg hij acute nierproblemen, werd hij heel erg ziek en stierf hij.